detoonbank/Kevin Voets

Published 05 October 2026

STOP & Rudder

BeRoer in dialoog met STOP: Maya Verlaak over tijd, instrumenten en interactie

KV: Maya, jouw werk BeRoer dialogeert met STOP door de vaste tijdsblokken van Stockhausen te confronteren met vloeibare, interactieve structuren. Waarom koos je juist voor STOP als uitgangspunt – en wat beoog je met deze confrontatie?

Maya Verlaak: Ik heb heel lang nagedacht over de tijdsbeleving en de kenmerkende blokstructuur van STOP. Ik heb mijn stuk gefocust op verschillende manieren van tijd. Dus je hebt tempo, tempobeleving, de relatie tussen het ene tempo en het andere tempo. Maar je hebt ook nog de klok zoals we die kennen, die op tempo 60 slagen per minuut tikt. Bij mij is die klok beweegbaar, flexibel – een klok die op verschillende tempo’s kan bewegen. Dus je hebt heel veel verschillende en mogelijke soorten tijdsbelevingen in mijn werk.

Het basismateriaal van mijn compositie heb ik gemaakt met twee eikeldopjes die ik heb gevonden bij het graf van Stockhausen. We zijn naar het archief van Stockhausen in Kürten gegaan en hebben daar zijn graf bezocht. Daar stond veel bomen en vond ik die eikeldopjes. Ik heb er twee meegenomen en ben erop beginnen fluiten. Ik merkte dat er net geen toon tussen zat, dus we spreken van een heel klein verschil. Ik heb het verschil tussen die twee tonen als startpunt genomen om een hele toonladder te construeren, met telkens die afstand tussen elke toon. Dan heb ik die afstand, die toonhoogtes, vertaald naar tempi – natuurlijk als referentie naar Stockhausen.

KV: Je bouwde een instrument met twee draaiende stop-verkeersborden. Hoe ben je op dit ontwerp gekomen – en hoe functioneert het in de uitvoering van STOP en in je eigen werk?

MV: Ik ben begonnen met een analyse van STOP en heb het instrument voor de uitvoering van de Antwerpener Version ontworpen. De functie is als volgt: als je draait, maak je de klank; als je stopt, hoor je de klank. De synthesizergeluiden die ik van Karin heb gekregen, worden sterk bewerkt, omdat de originele klanken geen duidelijke grondtoon bevatten. Door op specifieke manieren met de borden te draaien, kunnen verschillende klankkleuren worden gemaakt – zowel ruis- als niet-ruisklanken. Pas na de eerste repetities van STOP ben ik begonnen met BeRoer. In BeRoer heb ik de hardware behouden, maar de twee borden anders geprogrammeerd: nu is het de draaisnelheid die toonhoogte maakt (bord 1) en tempo (bord 2). De Stockhausen-samples zijn vervangen door het geluid van de gevonden eikeldopjes.

Het centrale concept van mijn compositie is ook tijdsbeleving maar op een veel vloeiendere en relatieve manier dan in Stockhausens werk. In BeRoer gaat het niet over succes of falen, maar over de tijdservaringen zelf. De musici weten dat er veranderingen komen, maar die zijn afhankelijk van hoe Karin, als centrale speler, musiceert. Het is een spel tussen controle en loslaten, tussen exactheid en flexibiliteit. De ‘stiltes’ in mijn werk zijn geen afwezigheid van klank, maar actieve momenten van spanning – net als bij Stockhausen. Alleen zijn ze bij mij niet voorgeschreven, maar ontstaan ze organisch uit de interactie tussen de musici.

Full article here